10 maart 2017



10 maart 2017 was officieel de tweede les beeldende vorming. Voor mij was dit de eerste les omdat ik bij de andere les door omstandigheden niet aanwezig kon zijn.

Voor de les beeldende vorming moest iedereen kosteloos materiaal meenemen. Hierbij moet je denken aan melkpakken, lege wc rollen, koekverpakkingen etc. Van deze materialen hebben we een racemonster gemaakt.

De lesdoelen die deze les werden gesteld zijn als volgt:
  • Je kunt aangeven wat de procesdoelen en productdoelen van de beeldende opdracht zijn.
  • Je kunt een werkstuk maken van kosteloos materiaal door middel van het werkproces experimenteren.
  • Je kunt tenminste 3 verschillende assemblagetechnieken onderscheiden en toepassen in het werkstuk.
  • Je kunt een storyboard ontwerpen voor een korte stop-motion animatiefilm (zie volgende bijeenkomst).
 Alle procesdoelen gaan over gedrag: hoe wil je dat leerlingen aan het werk gaan. Tijdens deze les beeldende vorming was het procesdoel dat wij zouden gaan experimenteren met verschillende soorten materiaal en gaan onderzoeken welke vormen een racemonster tot een echt racemonster maken.

Het productdoel sluit aan bij het laatste punt van het laatst benoemde procesdoel. Het productdoel gaat over het eindresultaat. Waar moet het eindresultaat aan voldoen zodat je leerlingen iets geleerd hebben. Het productdoel van deze beeldende vorming les was dat wij bestaande vormen bewust  moesten veranderen. Dit productdoel valt onder de middenbouw.
Na een stuk theorie over procescomponenten hebben we gepraat over verschillende soorten auto’s. Welke auto zou jij kiezen? Welke indruk geeft de auto jou als je kijkt naar de vormen? Vooral de laatste vraag vond ik erg belangrijk. De vorm van een object kan al een bepaalde indruk geven. Voorbeelden hiervan zijn: strakke lijnen geven een snelle indruk en hobbelige vormen geven een romantische indruk.

Na de gesprekken over de auto’s en bestemmingen kregen we uitleg over de materialen die gebruikt kunnen worden en hoe we er mee om moeten gaan. We kregen twee opdrachten: - Maak een racemonster. - Gebruik tenminste 3 verschillende assemblagetechnieken in jouw werkstuk.

Met deze twee opdrachten zijn we aan de slag gegaan. Ik wist nog niet wat ik wilde maken, maar wel dat ik wilde beginnen met een melkpak. Ik wilde beginnen met een melkpak omdat je hier heel veel mee kan doen. Je kan bijvoorbeeld de zijkanten eraf knippen, je kan de bovenkant eraf knippen, je kan een punt maken door middel van stroken knippen etc.

Ik ben eigenlijk meteen spontaan begonnen aan mijn werkstuk. Ik kan al snel op het idee van een vliegtuig. Hiervoor had ik een puntig voorwerp nodig en deze besloot ik te maken op de volgende manier: Als eerst heb ik een melkpak door de helft geknipt. De onderkant van het melkpak werd mijn achterkant van het vliegtuigje. Om de neus van het vliegtuig te maken heb ik een bekertje gebruikt. Deze kon ik makkelijk in het opengeknipte pak schuiven. Om het bekertje extra goed vast te maken aan het pak heb ik hier de assemblagetechniek ijzerdraad gebruikt. Van het ijzerdraad heb ik meteen de vleugels gemaakt.
Toen het model van het vliegtuigje klaar was wilde ik er nog een extra element aan toevoegen. Bij het vliegtuigje heb ik aan de bovenkant een soort staart geplaats. Op deze staart heb ik met de assemblagetechniek lijm een koplamp vast gelijmd. De staart heb ik met de assemblage techniek van in elkaar schuiven vast gemaakt in het melkpak heb ik een klein gleufje gesneden waar het karton in geschoven kon worden.
Om het vliegtuigje mooier te maken heb ik om het hele voorwerp touw gedraaid. Zo zag je de kleuren van het melkpak en het bekertje niet meer.


Het moment dat de tijd voorbij was hebben we de werkstukken van de medestudenten bekeken en vragen kunnen stellen. Volgende week gaan we een stopmotion maken met onze racemonsters.


Michelle de Best
PLV1B

Reacties

Populaire posts van deze blog

17 maart 2017

12 mei 2017

24 maart 2017